De eindtermen

 



KV1/K 1 Oriëntatie op leren en werken

De kandidaat kan zich oriënteren op de eigen loopbaan.

De kandidaat kan

  • een aantal opleidingen noemen waarbij aspecten van cultuur en kunst een belangrijke rol spelen
  • een aantal beroepen noemen waarbij aspecten van kunst en cultuur een belangrijke rol spelen
  • elementen uit het aanbod van kunst en cultuur in de eigen woonplaats en regio noemen
  • de gevolgen aangeven van de ontwikkelingen in de informatie- en communicatietechnologie die zich voordoen in de branches die verbonden zijn aan die van kunst en cultuur
  • zijn eigen mogelijkheden en interesses ten aanzien van kunst en cultuur benoemen in relatie tot vervolgstudie en beroep
  • zijn eigen mogelijkheden en interesses ten aanzien van kunst en cultuur benoemen in relatie tot het maatschappelijk leven (dagelijks leven, vrije tijd, vrijwilligerswerk).


KV1/K 2 Basisvaardigheden

De kandidaat beheerst een aantal basisvaardigheden.

De kandidaat kan

  • bronnen raadplegen en de informatie hieruit selecteren en ordene
  • kan instrumenten en apparaten (waaronder computers) op een doeltreffende en verantwoorde wijze gebruiken
  • een leer- en werkplanning maken
  • het leer- en werkproces bewaken
  • een eenvoudige product- en procesevaluatie maken en hieruit conclusies trekken
  • met medeleerlingen onderhandelen en afspraken maken bij het samenwerken aan een gemeenschappelijke opdracht
  • bij het omgaan met anderen rekening houden met verschillen tussen mensen die voortkomen uit verschillen in achtergrond
  • beargumenteerde kritiek geven en hierbij rekening houden met de gevoelens van medeleerlingen
  • kritiek van anderen accepteren en deze gebruiken om tot betere resultaten te komen kan alleen en/of samen met anderen een presentatie verzorgen


CKV/K 3 Culturele activiteiten

De kandidaat heeft actief deelgenomen aan tenminste vier verschillende culturele activiteiten. De culturele activiteiten zijn zo verdeeld naar de verschillende kunstdisciplines in dans, drama, beeldende vormgeving en muziek, dat een brede spreiding is gegarandeerd. Daarbij moet gedacht worden aan:

  • het bezoeken van tentoonstellingen en/of collecties voor beeldende kunst en/of vormgeving (waaronder ook film-, foto, video en multimedia kunst);
  • het bezoeken van concerten, dans-, theater en filmvoorstellingen, of repetities, enz.
  • het bezoeken van interdisciplinaire kunstvormen, zoals festivals, muziektheater;
  • het deelnemen aan excursies (architectuurwandelingen, beeldenroutes en dergelijke) en het bezoeken van ateliers, werkplaatsen, archieven, monumenten, historische stadskernen, enz .
  • het zelf participeren in culturele activiteiten, zoals musicals, theatervoorstellingen, enz.

De kandidaat kan eigen keuzes maken uit het culturele aanbod.


CKV/K 4 Reflectie en kunstdossier

De kandidaat

  • heeft een kunstdossier samengesteld
  • doet in dat kunstdossier verslag van de culturele activiteiten, en de voorbereidingen door middel van woord, beeld, beweging en/of geluid en eventueel met gebruik van ICT
  • kan door middel van het kunstdossier zijn interpretaties en waarderingen van culturele activiteiten toelichten.
  • kan aan de hand van zijn kunstdossier reflecteren op zijn ervaringen. Dat - - kan in de vorm van een gesprek, een schriftelijk verslag, een eigen werkstuk of presentatie (bijvoorbeeld: een fotoreportage, een website, een aantal schetsen)


CKV/K 5 Kunstvak naar keuze

De kandidaat beheerst van het kunstvak de kerndoelen van de basisvorming.