Hoofdstuk 3: Traditionele vernieuwingsscholen

In dit hoofdstuk komen de onderwijspedagogen van de traditionele vernieuwingsscholen: Montessori, Parkhurst (Daltonschool), Freinet, Petersen (jenaplanschool), Steinder (vrijschool) en Ligthart.

Opdrachten

Klik op onderstaande link voor de opdrachten in Word:

Opdrachten hoofdstuk 3: Traditionele vernieuwingsscholen

Opdrachten hoofdstuk 3: Traditionele vernieuwingsscholen

1. Onderwijspedagoog

Scholen in Nederland werken vanuit verschillende onderwijskundige visies. Maatschappelijke ontwikkelingen en ontwikkelingen in en rond de school vragen voortdurend om het bijstellen van die visie. Het is daarom om twee redenen belangrijk actief een eigen visie op onderwijs te ontwikkelen. Die visie helpt je bij het kiezen van een school waar je je thuis zult voelen en hij helpt je om actief mee te denken over de koers die de school waar je werkt, moet volgen.

Wat kun je doen?
In dit hoofdstuk zijn verschillende onderwijsvernieuwende ideeën besproken. Met deze activiteit ga je hier dieper op in. Kies een schooltype dat is gebaseerd op een onderwijspedagoog (de in dit hoofdstuk besproken pedagogen of bijvoorbeeld iemand als Kees Boeke) en maak er een werkstuk of presentatie over. Je kunt daarbij gebruikmaken van de informatie die de stichting die elk van deze onderwijsvormen kent, je kan geven (kijk ook op internet), van het verenigingsblad dat de stichting uitgeeft, van de literatuur die je in elke bibliotheek kunt vinden.  Misschien kun je een dag meelopen op een school en verwerk je eigen indrukken in het werkstuk. Bedenk vooraf welke informatie je van de school wilt krijgen. Je kunt ook de filmpjes bekijken op www.leraar24.nl.
Formuleer je eigen leerdoel en je vragen. Voorbeelden van vragen zijn:
*  Waarin onderscheidt zich deze vorm van onderwijs van het reguliere basisonderwijs? Maak dit duidelijk in de beschrijving van de specifieke wijze waarop een vak als rekenen of taal wordt gegeven.
*  Wat zijn de uitgangspunten?
*  Welke regels hanteert de school?
*  Hoe gaan de kinderen met elkaar om?
*  Hoe is de omgang met de leerkracht?
*  Hoe speelt het onderwijs in op de individuele behoeften en mogelijkheden van de kinderen?
*  Wat betekent dat voor de rol van de leerkracht?
*  Wat vind je van deze visie op onderwijs?
Onderbouw je mening.
*  Zou je zelf op zo’n school willen werken?
Waarom wel/niet?
*  Welke bronnen heb je gebruikt bij de totstandkoming van dit werkstuk of deze presentatie?