Hoofdstuk 7: Hoe kinderen leren

Het scheppen van een krachtige leeromgeving begint bij kennis over hoe kinderen leren. Wat gebeurt er in het hoof van kinderen en hoe ontwikkelt het brein zich? Maar ook hoe verschillen kinderen in de manier waarop zij leren en hoe kun je hierop inspelen? Het meervoudige intelligentie model komt aan de orde evenals de verschillende leerstijlen.

Opdrachten

Klik op onderstaande link voor de opdrachten in Word:

Opdrachten hoofdstuk 7: Hoe kinderen leren

Opdrachten hoofdstuk 7: Hoe kinderen leren

1. Informatieverwerking en leren

a. Je hebt in dit hoofdstuk geleerd hoe informatie verwerkt wordt in de hersenen en welke factoren het leerproces positief beïnvloeden. Deze informatie ga je zo verwerken, dat je ze goed begrijpt en onthoudt. Je mag hier zelf een vorm voor kiezen. Je kunt bijvoorbeeld in eigen woorden een samenvatting maken van de informatie, je kunt de informatie in een schema zetten of je kunt de informatie in beelden uitwerken. Motiveer waarom je voor deze uitwerking hebt gekozen en waarom die bij jou past.

b. Vergelijk in je studiegroep de manier waarop ieder persoonlijk activiteit 1 heeft uitgewerkt. Welke overeenkomsten en verschillen zijn er? Wat is de meest verrassende of originele uitwerking en waarom? Als je kijkt naar meervoudige intelligentie, welke intelligentie past dan het beste bij welke soort uitwerking? Maak op basis van de bespreking samen één uitwerking waarin je het beste van alle verschillende uitwerkingen gebruikt en waar woord en beeld elkaar aanvullen.

2. Leerstijlen

a. Welke leerstijlen kun je onderscheiden en welke past het meest bij jou? Geef met een voorbeeld aan waarom je dat denkt.
b. Doe vervolgens een leerstijlentest. Op de website http://www.123test.nl/leerstijl/ is een uitgebreide interactieve leerstijlentest te vinden. Wat is de uitkomst? Had je dit verwacht?

3. Ontwerpen vanuit een visie op leren

Met de kennis die je in dit hoofdstuk hebt opgedaan over informatieverwerking en leren, ontwerp je een serie van drie lessen. De lessen duren een half uur tot maximaal een uur. Je kunt deze activiteit met je studiegroep maken. Het is wel zo handig als alle deelnemers van de studiegroep met dezelfde leeftijdsgroep werken. Als je geen stageschool hebt, kies je een leeftijdsgroep waar je de lessen voor ontwerpt. Je kunt als volgt aan deze activiteit werken:

-    Kies een onderwerp dat met de natuur te maken heeft. Motiveer waarom jullie voor dit onderwerp hebben gekozen.
-    Stel in grote lijnen vast wat de kinderen aan het einde van de serie lessen weten over dit onderwerp.
-    Stel vast hoe je die informatie over drie lessen verspreidt.
-    Bedenk voor elke les een serie leeractiviteiten. Motiveer waarom je voor die leeractiviteiten hebt gekozen, welke visie op leren hierbij past en hoe die aansluit bij de verschillen tussen kinderen.
-    Hoe ga je toetsen of de kinderen aan het einde van de serie lessen weten wat ze zouden moeten weten en waarom kiezen jullie voor deze toetsvorm? Bedenk dat je toetsing heel breed kunt invullen en dat dat niet beperkt hoeft te blijven tot een proefwerk of een overhoring.
-    Voer de lessen zo mogelijk in de praktijk uit en evalueer het resultaat. Wat ging er goed, wat zou je de volgende keer anders doen? Wat vonden de kinderen van de leeractiviteiten? Waren ze betrokken bij het onderwerp? Hoe actief waren ze er zelf mee bezig en waar zag je dat aan? Maak een verslag van het verloop van de les en de evaluatie ervan.
-    Wissel in je studiegroep de praktijkervaring uit met het geven van de les. Wat kunnen jullie hiervan leren? Noem minimaal drie punten.

4. Individuele leeractiviteit

Kies een kind op je stage-school dat moeite heeft om zich bepaalde leerstof eigen te maken, bijvoorbeeld bepaalde rekenopgaven of de kleuren en vormen.
-    Probeer je een zo goed mogelijk beeld te vormen van het kind, zodat je weet hoe dit kind de leerstof het beste zou kunnen leren. Welke informatie heb je hiervoor nodig, wat weet je al en hoe kom je aan de ontbrekende informatie? Verzamel (in overleg met de groepsleerkracht) de informatie en zet die op papier.
-    Formuleer nu wat je het kind wilt leren.
-    Bedenk vervolgens een leeractiviteit met de leerstof die bij dit kind past en voer die uit.
-    Evalueer het resultaat met de mentor.

Verder lezen

Websites
http://www.hersenenenleren.nl/

Vakliteratuur
Bosch, W. en C. Boomsma, Onderwijs aan het jonge kind... een vak apart. ThiemeMeulenhoff, Amersfoort 2013.
Grift, B. van. Kinderkoppie. Hoe een rijke leeromgeving bijdraagt aan de ontwikkeling van het kinderbrein. SWP, Amsterdam 2010.